Zoeken
De Brünig-Bahn

Door: Erik Kruithof
Datum: 21/12/2000

In 1888 reed de eerste trein van de Jura-Bern-Luzern-Bahn tussen Alpnachstad en Brienz. Een tweeassige stoomlocomotief trok toen drie lichte personenwagens over de Brünig.


De Brünig Express 2460 in de buurt van Lugern, 18 augustus 2000.
E. Kruithof


De zes dagelijks rijdende treinen boden 90 mensen plaats. De reizigers gebruikte toen nog een stoomboot, die heden ten dage nog vaart, om van Luzern in Alpnachstad te komen, en vervolgens in Brienz weer met de boot verder naar Interlaken. Het is begrijpelijk dat hierdoor de reistijd zes uren bedroeg. Een eerste verkorting in de reistijd ontstond er in 1889 toen de lijn tussen Luzern en Alpnachstad door de opening van de Lopper-tunnels in gebruik kon worden genomen.

In 1890 werd de jonge Jura-Bern-Luzern-Bahn onderdeel van de Jura-Simplon-Luzern-Bahn en in 1903 van de Schweizerische Bundesbahnen (SBB). De Brünig-bahn bleef de enige meterspoorbaan van de SBB.

In 1916 kon eindelijk het gat tussen Brienz en Interlaken gedicht worden. Door de doorgaande spoorverbinding werd de reistijd rond de 50 % verkort en het aantal treinen verhoogt naar tien.

Het traject
De Brünig-bahn is in zijn totaal 73,82 Km lang, waarvan er 9,13 Km tandradspoor is. De maximale snelheid is 40 Km/h bergopwaarts en 25 Km/h dalwaards. Sinds 18 november 1941 (Luzern - Meiringen) en 24 december 1942 (Meiringen - Interlaken Ost) word er op de Brünig-bahn met elektrische tractie gereden. Als stroomsysteem koos men 15 kV 16 2/3 Hz.

De Brünig-bahn is de enige meterspoorlijn binnen het sporennet van de SBB. Hierdoor heeft de Brünig 15 eigen stations naast de uitgangsstations Luzern en Interlaken Ost. Ook heeft de Brünig-bahn te Meiringen, wat tevens kopstation is, eigen werkplaatsen voor onderhoud aan materieel en baan.

Het traject gaat van Luzern over 124 bruggen en door 13 tunnels naar Interlaken Ost. Met de vier tandradspoor stukken tussen Giswill en Meiringen heeft de Brünig-bahn stijgingen tot 120 ‰, vier keer steiler dan de Gotthardstrecke. En tussen de stations Luzern en Brünig-Hasliberg overwint de trein een hoogte verschil van 566 meter.


De Brünig Express 2460 even nabij Giswil, 18 augustus 2000. E. Kruithof.

Onderweg rijdt de trein over in zijn totaal 41,5 Km langs vijf grote meren; de Vierwaldstättersee, de Wichelsee, de Sarner See, de Lungerer See en de Brienzer See. De Vierwaldstättersee heeft een totale wateroppervlakte van 114 Km² en is 7,5 Km lang zichtbaar. De Brienzer See bestrijkt 29,8 Km2 en is 20,5 Km lang zichtbaar van uit de trein, dit is iets meer dan ¼ van de totale reis.


Een van de treinen van de Pilatus bergbaan, de steilste tandradbaan ter wereld, 16 augustus 2000. E. Kruithof

Bij het station Alpnachstad wacht de spectaculairste bergbaan van Zwitserland: 's werelds steilste tandradbaan naar de top van de Pilatus. Het traject tussen Brünig pashoogte en Meiringen behoort tot een van de hoogtepunten van de reis. De trein gaat midden door steile bergweiden en bospartijen. Hier is ook een spectaculair uitzicht op het brede Haslidal en de omliggende bergketens te zien.

Na het omlopen in Meiringen is snel de Brienzer See in zicht. De trein gaat aan schilderachtige dorpjes en gehuchten voorbij, en snel is het eindstation van de reis, Interlaken Ost, nabij.

Geraadpleegde bronnen:
- www.bruenig.ch

Laatste Artikelen

Train Magazine op Twitter